Zwangerschap en Werk

Zwangerschapsverlof

In het algemeen hebben werknemers recht op 15 weken zwangerschapsverlof (6 weken voor en 9 weken na de geboorte). Een week prenataal en 9 weken postnataal verlof zijn verplicht. Bij twee- of meerlingen kan de prenatale verlofperiode worden uitgebreid tot 8 weken en evenzeer kan de postnatale verlofperiode nog eens met 2 weken worden verlengd tot 11 weken. Bij meerlingen kan derhalve de totale verlofperiode oplopen tot 17 of 19 weken.

Zelfstandig werkende vrouwen hebben een verlofperiode van 8 weken (9 weken bij een meerling).

Vrouwelijke ambtenaren hebben eveneens recht op 15 weken zwangerschapsverlof (17+2 weken bij meerlingen).

Een werkende vrouw moet een medisch attest voorleggen met de verwachte bevallingsdatum, niet later dan 7 weken voor de uitgerekende datum (9 weken bij meerlingen).

Gedurende de zwangerschap kunnen werkende vrouwen met twee deeltijdbanen, waarvan de een moet worden gestaakt wegens ermee verbonden gezondheidsrisico’s, terwijl de andere baan zonder risico kan worden voortgezet ook hun recht op uitkering doen gelden voor de volle periode waarmee de eerste deeltijdbaan moest worden onderbroken. Voorheen moesten werkende vfrouwen al hun professionele werkzaamheden staken om voor zo’n uitkeringsduur in aanmerking te komen. Bovendien kunnen  werkende moeders nu hun recht uitoefenen op verlenging van hun postnatale verlof met de optinonele prenatale verlofperiode, ook indien zij slechts een van hun deeltijdbanen tijdelijk onderbraken.

(Art. 39 van de Arbeidswet;  Artikel 5 van de wet van 25 april 2014, gepubliceerd in de Moniteur Belge, 6 juni, 2014

Zwangerschap en inkomen

Tijdens het zwangerschapsverlof (15 weken in het algemeen; 17 of 19 weken bij meerlingen), ontvangen werknemers (maar ook werkeloze en gehandicapte vrouwen) een uitkering. De verzekerde persoon moet dan wel het minimum aan premies hebben betaald en deze premies moeten zijn betaald gedurende 120 werkdagen of dagen die daarmee zijn gelijk gesteld zoals vakantiedagen, periode van werkeloosheid, en ziekte van een werknemer, gedurende de laatste 6 maanden voor het verlof ingaat om voor deze uitkering bij zwangerschap in aanmerking te komen.

De hoogte van deze uitkering is:

i.        voor vrouwelijke werknemers 82% van het loon (geen plafond) tijdens de eerste 30 dagen en 75% van het afgetopte loon (tot een plafond) vanaf dag 31;

ii.        voor vrouwen met een handicap 79,5% van het loon (tot een plafond) tijdens de eerste 30 dagen en 75% (tot een plafond) vanaf dag 31; en

iii.        voor werkeloze vrouwen 60% van het laatst genoten salaris als basis voor een uitkering die gelijk moet zijn aan de uitkering waarop de werknemer recht zou hebben ongeacht de zwangerschap. De werkneemster kan een toeslag vragen van 19,5% voor de eerste 30 dagen en 15% voor de resterende verlof periode.

Deze uitkeringen worden betaald uit het verplichte stelsel van Ziektekosten- en Invaliditeitsverzekeringen.

(Art. 128 van de wet op de verplichte ziektekostenverzekering van 14 juli 1994; Art. 114-115 en 216-219 Koninklijk Besluit betreffende de uitvoering van de verplichte ziektekostenverzekering)

Medische zorg

Er zijn geen wettelijke regelingen voor financiële tegemoetkoming tijdens zwangerschap en verlof. Het stelsel van ziektekostenverzekering strekt zich uit tot iedereen de legaal in België verblijft, dat wil dus zeggen werknemers, werkelozen, gepensioneerden, zelfstandigen, ambtenaren, studenten, en hun familieleden, mits geregistreerd in België.

De medische kosten die onder de dekking vallen zijn “Algemene en specialistische zorg, ziekenhuisopname, geneesmiddelen, laboratoriumonderzoeken, revalidatie, transport en hulpmiddelen.” De ziektekostenverzekering vergoedt ruim de helft (meer dan 60%) van de kosten. De aanvullende verzekering varieert met iemands inkomen en status.

(ISSA Country Profile)

Wetgeving zwangerschap en werk

  • Arbeidswet 1971 / 16 March 1971 - Labour Act
Citeer deze pagina: © WageIndicator 2017 - Loonwijzer.be - Zwangerschap en Werk